Studenten voortvarend aan de slag met meng- en strokenteelt
Het is niet te missen dat dit een proefperceel is. Op zo’n twee hectare in Onnen staat namelijk een diversiteit aan gewassen in verschillende teeltsystemen. Olievlas, sorghum en boekweit in strokenteelt, een mengteelt van mais, stokboon en pompoen, gerst-erwt met grasklaver en kruiden als onderzaai. En dat alles omrand met bloemen. Jij krijgt de kans deze teelten te volgen.
Tijdens het zaaien begin mei 2024 is de Flex Seeder, een innovatieve zaaimachine, bijna niet meer te zien door het stof. Onder toeziend oog van studenten en docenten van Terra MBO, zaait melkveehouder, akkerbouwer én loonwerker Albert-Jan Knijp het perceel van twee hectare in Onnen (Groningen) in. De grond is kurkdroog. Zo op het oog is er dan ook geen verschil te zien tussen het traditioneel bewerkte deel waar geploegd is tot 25 á 30 centimeter en de andere helft, dat regeneratief is bewerkt. Dit gedeelte van het langjarige maisperceel, waar haver als groenbemester stond, is bewerkt met de ActiCut. Deze machine snijdt de groenbemester op drie centimeter diepte oppervlakkig door. Een week voor het zaaien is de grond zaaiklaar gemaakt met een ondiepe grondbewerking door de Kelly Tillage, een ketting eg. Bij het maken van een profielkuil net voor het zaaien is er wel duidelijk verschil te zien. Op het geploegde deel is de bovenste 25 centimeter van de toplaag aanzienlijk droger dan het regeneratieve deel.
Leerlingen voordelen van regeneratieve teelt bijbrengen
“Wij willen leerlingen graag de praktijk laten zien. Maar dan liever geen reguliere bieten, aardappelen of mais, want dat zien de studenten wel bij hun stagebedrijven of thuis.” Aan het woord is Arjan van Turnhout, docent aan het DC Terra MBO. “Natuurinclusieve en regeneratieve landbouw is in de schoolbanken een vaag begrip. Daarom willen we deze termen met dit project tastbaar maken.” Arjan en zijn collega-docenten zijn in ieder geval enthousiast over regeneratieve landbouw. “Een betere bodemstructuur, een groter watervasthoudend vermogen en een bijdrage aan biodiversiteit”, somt hij op als voordelen. Met dit project zijn de leerlingen ‘eigenaar’ van het perceel. Met elkaar bepalen ze de bewerkingen, berekenen de hoeveelheid zaaizaad, denken na over de onkruidbestrijding, bemesting en groenbemesters. “Dit vergroot het eigenaarschap van de leerlingen”, legt de docent uit. Daarbij schuwen de docenten duidelijk geen uitdagingen. Drie teelten in twee bewerkingen (regulier en regeneratief) en twee soorten bemestingen (vaste schapenmest en zonder bemesting). “Tjah, een normale docent zou hier niet aan beginnen. Met een beetje pech staan wij straks de hele zomer te schoffelen”, geven Arjan en zijn collega’s lachend aan. Leerzaam wordt het in ieder geval, voor studenten én docenten.
Mengteelt met ‘drie zussen’
De teelten zijn bewust gekozen, waarbij zelfs de voorwaarde dat deze teelten zichzelf tijdens de zomervakantie zes weken redden, is meegenomen. De praktijkproef bestaat uit:
> olievlas, sorghum en boekweit in strokenteelt
> mais, stokbonen en pompoen in mengteelt
> gerst-erwten mengteelt met grasklaver en kruiden als onderzaai
> bloemenranden
De mengteelt van mais, stokbonen en pompoen staat ook wel bekend als ‘drie zussen’. “Deze drie planten komen allemaal uit een andere plantfamilie, dat is gunstig bij een mengteelt”, legt Marius de Ridder, specialist regeneratieve landbouw bij Agrifirm uit. “Mais is het hoofdgewas, stokboon en pompoen zijn als ondersteuning. De oliehoudende pompoen bedekt de bodem. In de praktijk lijkt het zelfs dat de pompoen bij droogte water levert aan de maisplant. De stokboon levert tot slot als vlinderbloemige stikstof aan de mais.” Albert-Jan Knijp heeft alle gewassen op 50 centimeter afstand gezaaid, in plaats van 75 centimeter zoals bij mais vaak gangbaar is. “Mijn ervaring is dat je daar echt één ton per hectare meer opbrengst mee haalt”, geeft hij zelfs aan bij het inzaaien. Of dat op dit perceel ook zo werkt? Dat gaan de loonwerker, studenten en docenten dit jaar ontdekken.
Over dit boeren pilotproject
“Uit de startblokken en aan de slag met regeneratieve landbouw.’ Zo omschrijft initiatiefnemer Albert-Jan Knijp, melkveehouder, akkerbouwer en loonwerker, de pilot rond regeneratieve landbouw in Drenthe en Groningen. Dankzij de Flex Seeder kan Knijp gewassen inzaaien, doorzaaien en directzaaien in mengteelten, strokenteelten en in verschillende rijafstanden en -diepten. Van 2024 tot en met 2027 voert Knijp samen met collega-boeren demoveldproeven uit met een regeneratief bouwplan. Naast bovenstaand voorbeeld samen met MBO DC Terra, zaaien melkveehouders Martijn Weeda uit Zeijerveld en Guus Eeltink uit Oude Pekela grasland door met kruiden. Akkerbouwer Harm van Rhee uit Gasteren en vleesveehouder Jan Reinder Smeenge uit Zeegse gaan in het Drentsche Aa-gebied experimenteren met vier mengteelten, waaronder grasklaver, snijmais, stokboon en pompoen.











Reacties